Plaatsen van een mistgenerator

Denk er altijd goed over na wat de effectiefste plaats is voor de mistgenerator. Hoe goed uw mistbeveiliging concept is staat of valt met de projectering van de mistgenerator. Hieronder zijn een aantal richtlijnen die u het beste kunnen helpen bij de locatie keuze van de mistgenerator.

Het is logische dat u de mistgenerator zo plaatst dat de mistuitstoot richting van de te verwachten inbraaktoegang of de voornaamste te beschermen goederen blaast.

Vormt de te verwachten inbraaktoegang echter een potentiële grote doorgang naar buiten (bv. Garagepoort, ramkraakgevoelige glazen voorgevel , enzo..). Voorkom dan dat de spuitmond  van deze mistgenerator rechtstreeks naar deze grote doorgang gericht is. Immers door de grote mistuitstootdruk zal dan veruit de meeste mist rechtstreeks naar buiten geblazen worden.

Vermijdt dat de mistbeveiliging en uitgestoten mist een éénrichtingsval vormt. Het is de bedoeling dat de mistbeveiliging een sterk meeneem beperkende barriére vormt.De mistgenerator is immers een M3 maatregel conform de VRKI.

Het is niet de bedoeling om er inbrekers mee te “vangen”.  Immers de kans dat u bij een vals alarm onschuldige personen  “vangt”  is veel groter dan dat u bij een inbraak inbrekers “vangt”.

  • Bepaal de plaatst van de mistgenerator zo dat de spuitmond niet in de richting van de fragiele voorwerpen blaast, de krachtige mistuitstoot uit de spuitmond zou immers deze voorwerpen kunnen omblazen.
  • Zorg dat de uitgestoten mistwolk van de mistgenerator minstens 5 á 6 meter vrije doorgang heeft, voordat ze op een “ mistkerend ”obstakel botst, bv. tegenoverstaande muur. De ruimte welke zich op een afstand van ongeveer 6 meter voor de spuitmond bevindt zal het eerst binnen de 2 seconden van mistbeveiliging zijn voorzien.
  • Zijn er in de van mistbeveiliging te voorziene ruimte reeds PIR-sensors geplaatst en u wenst geen enkel risico te nemen aangaande valse hertriggering door de uitgestoten mistwolk. Vervang deze PIR-sensors dan door combi-sensors (PIR/Radar). Moet u een nieuwe installatie plaatsen neem dan als volumetrische detectie meteen combi-sensors voor deze ruimte(s) waar de Cobra geplaatst is. Radar detecteert nooit voorbijdrijvende mistwolk, de meeste PIR’s doen dit sporadisch.
  • Zorg er zeker voor dat een inbreker onmogelijk bij de mistgenerator kan komen zonder eerst gedetecteerd te zijn door een sensor. Deze sensor moet dan onafhankelijk van een eventuele ingangsvertraging, een mist-uitstoot starten.
  • Voor het “inbrekersgilde”is de Cobra mistgenerator zeker geen onbekende. Zorg ervoor dat de mistgenerator altijd muurvast gemonteerd is, zodat het toestel niet snel van de muur kan getrokken worden. Want dan is er een reële kans dat na een geslaagde inbraak, u de mistgenerator door een raam gesmeten op straat terugvindt.
  • Bij een montage tegen een stevige stenen muur, gebruik de bijgeleverde pluggen en schroeven voor montage van de mistgenerator. Bij montage tegen een gips wand gebruik speciale metalen plaasterplaat pluggen. (te verkrijgen in iedere ijzerhandel)
  • Aan een Cobra mistgenerator dienen 2 kabels aan te komen. Een netstroomkabel 230 VAC met aarding, deze dient afgezekerd te zijn met een aparte zekering en een alarmkabel vanuit de CCS.

Voor grotere ruimtes zoals: grote winkels en kantoortuinen is men genoodzaakt meerdere mistgeneratoren te plaatsen. Plaats de mistgeneratoren zo dat de miststraal van de ene mistgenerator naast maar in de richting van de volgende mistgenerator wijst. Zo krijgt men een rondstromen van de mistbeveiliging door de gehele ruimte, dit zorgt voor de snelste vulling.

Let op bij de plaatsing op de vrije doorgang van de miststroming van de mistgenerator. Na een tijdje is de winkelier vergeten dat de toestellen er hangen en stapelen de dozen en display’s voor de mistuitlaten van de mistgeneratoren.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *